|
Alles
| Laatste nieuws | Archief
Wederopstanding van e-learning
woensdag 2 augustus 2006
Computable Opleidingengids 2006 14 | Overgenomen met toestemming
Auteur: Henk Vlaming
Foto's: ANP
Bekijk oorspronkelijk artikel (PDF, 6 MB):
http://www.smsnet.nl/files/bestanden/wederopstanding_elearning.pdf
E-learning begint aan tweede leven
E-learning lijkt ‘booming business’ te worden. De ene na de andere organisatie hapt toe. Bij het Nivra, de brancheorganisatie van accountants, beginnen ze er mee.
Glasfabrikant Owen Illinois is al begonnen met elektronisch leren en AD NieuwsMedia heeft er onlangs goede ervaringen mee opgedaan.
Is dit de lang verwachte doorbraak van e-learning? Dat is nog maar de vraag. E-learning heeft in de loop der jaren een spoor van gebroken beloften achtergelaten. Op het ministerie van Buitenlandse Zaken bijvoorbeeld. Eind jaren negentig schaftte het departement een digitale cursus aan voor consulair personeel, met alle mogelijke ondersteuning en animaties.
Het departement wilde de training online beschikbaar stellen, via een draadloos netwerk zelfs. De netwerken van de ambassades lieten de informatie van de training echter niet door. Dus werd de cursus rondgestuurd op cdroms, die vaak ongebruikt bleven liggen. Sterven in schoonheid heeft de reputatie van e-learning geen goed gedaan.
Onderzoek van de NVP (Nederlandse Vereniging voor Personeelsmanagement en Organisatieontwikkeling) wees vorig jaar uit dat e-learning de minst gewaardeerde toepassing is van elektronisch personeelsmanagement, oftewel e-hrm. Bijna een kwart van de ondervraagde p&o’ers zei dat e-learning niet aan de verwachtingen voldeed. Ruim de helft had er geen enkele ervaring mee, en dus ook geen mening over.
Duf klaslokaal
Zo lijkt het alsof tientallen jaren technologische innovatie van het leerproces niets hebben opgeleverd. Leren achter de pc thuis of op het werk kan al bijna twintig jaar. De gedachte was dat leerstof veel efficiënter en effectiever aangeboden werd via een computer dan in een duf klaslokaal. Leren op afstand kreeg eerst gestalte via floppy’s, later via cd-roms en nog later via het intranet. Cursisten waren niet meer afhankelijk van plaats en tijdstip om zich te scholen. Het internettijdperk bracht de ontwikkelingen in een stroomversnelling. Droge leerstof werd interactief, er kwam coachen op afstand en het virtuele klaslokaal deed zijn intrede.
De ene na de andere multinational ging overstag en hele cursuspakketten gingen online. De manager gaf via een digitale paraaf medewerkers toestemming voor een training, die on demand werd aangeboden en zelfs op afstand werd getoetst. Niemand hoefde nog een meter te reizen of een docent onder ogen te komen voor een cursus. Enorme kostenbesparingen lagen in het verschiet. Cisco Systems becijferde begin deze eeuw dat de invoering van e-learning in het bedrijf had geleid tot een wereldwijde besparing van 1,4 miljard dollar op jaarbasis.
Toch overtuigden de verhalen niet. Van de tientallen bedrijven die e-learning ontwerpen en implementeren is nog maar een handjevol over. E-learning is nog onbekend in driekwart van de bedrijven. "In 1998 maakte elearning een half procent uit van het opleidingsaanbod, en vorig jaar was dat toegenomen tot slechts drie procent", zegt Johnny Hogenbirk, één van de onderzoekers die meewerkte aan het NVP-rapport. "Ik werk als e-hrm consultant, maar ik krijg nooit een vraag over e-learning. Les in de klas, leren door ervaring, het werkt volgens mij beter. Als mensen een cursus volgen, willen ze er graag uit en collega’s ontmoeten. Wat niet wil zeggen dat e-learning geen waarde heeft. Maar het is vooral
aanvullend op andere vormen van opleiden. Dat je er de kosten mee verlaagt is onvoldoende argument om op e-learning over te stappen. Feit is in elk geval dat de hoge verwachtingen naar beneden zijn bijgesteld".
Onderontwikkeld
Het is wel duidelijk wat er is misgegaan. De pedagogiek, de marketing en vooral ook de technologie rond e-learning waren destijds onderontwikkeld, analyseert Jaap van der Steen van Cirquest, een bedrijf dat e-learning ontwerpt en implementeert. "Bedrijfsnetwerken waren niet in staat om e-learning fatsoenlijk te faciliteren. Veel netwerken waren ultrabeveiligd en heel ingewikkeld, die lieten geen flash door. Dan houdt het al snel op met e-learning".
Voorts zagen docenten het niet zitten. Hun rol als baas van de klas veranderde in die van een internetcoach. Cursisten misten de discipline om in hun eentje achter de pc door lesstof heen te worstelen, vaak in hun eigen tijd. Het management miste ook enthousiasme voor elearning, vooral vanwege de hoge kosten. Voor een elektronische cursus kun je heel wat gewone trainingen kopen, vonden zij.
Systeembeheerders tenslotte waren ook al geen fans. Zij waren bang dat hun netwerken plat zouden gaan, zodra de eerste cursist zou inloggen. De economische crisis was de nekslag. Er werd massaal bezuinigd op opleiden, speciaal op e-learning.
Toch is elektronisch leren nooit doodgebloed. Behalve teleurstelling noteerden de onderzoekers van de NVP toch ook een enorme belangstelling. In 2002 gaf 83 procent van de p&o’ers aan interesse te hebben voor elearning. In maart voorspelde de Financial Times een wederopstanding van e-learning. In Amerika zijn de uitgaven voor elektronisch leren in 2004 gestegen van 1,98 tot 2.35 miljard dollar. Belangrijkste aanleiding voor het kerende tij is de technologische innovatie.
"Technisch gezien is e-learning geen probleem meer", zegt Hogenbirk. "Toen destijds de eerste html-technologie werd gebruikt, was er voor een website een bak vol programmeurs nodig à 200 gulden per uur, die een volkomen onbeheerbare flut-applicatie maakten. Nu zijn de applicaties robuust en beheerbaar, en ze kosten een fractie van wat er destijds voor betaald moest worden".
Animatie
Daarnaast zijn elektronische cursussen professioneler geworden, vooral in pedagogisch opzicht. Niet langer bestaan cursussen vooral uit teksten, de animatie viert hoogtij. De leerstof sluit nauw aan bij de praktijk op de werkvloer. "De waarde van e-learning ligt in het visuele aspect dat je afwisselt met de gewone leerstof", betoogt Jaap van der Steen van Cirquest. "Dat is nu goed mogelijk dankzij de html-technologie.
Veel leerfilosofieën gaan er vanuit dat e-learning het meest succesvol is als je de praktijk centraal stelt en die ondersteunt met animaties als korte video’s, poppetjes over het beeld en voice-overs. Kom je er daarmee niet uit, dan heb je altijd nog de feitelijke kennis achter de hand. Bij een politiekorps hebben we bijvoorbeeld een cursus gemaakt over de zeer complexe ‘wet wapens en munitie’. Een politieagent moet precies weten wat wel en niet mag. De cursus is opgebouwd uit cases die de cursist in verschillende fases doorloopt. De cases worden ondersteund door afbeeldingen van de wapens in kwestie. Na elke case is er een vraag. De cursist kan pas door als hij die juist beantwoordt. Weet hij het niet, dan kan hij zo naar de theorie gaan. Dat is een manier van leren die erin gaat als koek".
Snelheid
Daarnaast zijn mensen gewend geraakt aan de pc en internet waardoor leren op afstand niet vreemd meer is. De belangrijkste steun in de rug voor e-learning echter is wellicht de tucht van de markt. Nu de economie aantrekt zoeken steeds meer bedrijven manieren om hun medewerkers snel en effectief op niveau te brengen. De ouderwetse klas is daarvoor te traag, zo merkten ze vorig jaar bij AD NieuwsMedia, de joint venture van de uitgeverijen PCM en Wegener. Zeshonderd redacteuren moesten overstappen op het Hermessysteem van Unisys, en tweehonderd advertentieverkopers gingen over naar Enterprise van Atex. De geplande klassikale training was onhaalbaar. "Elke redacteur zou vijf dagen nodig hebben om Hermes te leren, en voor advertentieverkopers waren drie dagen gepland", vertelt Erik van der Steen, informatiemanager Advertentiemarkt AD NieuwsMedia. Hij was verantwoordelijk voor de invoering van Enterprise bij AD NieuwsMedia. "De systemen moesten op korte termijn in gebruik worden genomen, maar er waren niet genoeg ruimten beschikbaar om iedereen klassikaal te scholen. Een klas kon slechts zes cursisten en een trainer hebben, dat zou veel te lang gaan duren. Dus is voor e-learning besloten".
De speciaal ontwikkeldeOnDemand cursus [1] stelde redacteuren en advertentieverkopers in staat om vanaf elke werkplek in te loggen op een trainingsomgeving. Die bestond uit drie delen: verkennen, oefenen en toetsen. Het systeem noteerde van elke medewerker een score die in de vorm van een managementrapportage de witte vlekken in de kennis van de medewerkers aangaf. "Dat was aanleiding om de cursus aan te passen", vertelt Van der Steen van AD NieuwsMedia. "Sommige medewerkers gebruikten toepassingen die het systeem fout rekende, hoewel ze hetzelfde resultaat gaven als de goede opties".
Efficiency was ook voor glasfabrikant Owen Illinois, die drie vestigingen in Nederland heeft, reden om e-learning te
omarmen. Traditionele cursussen voegden te weinig kennis toe, vond de directie. Het opleiden duurde te lang, werknemers hadden moeite met de theoretische verhandelingen en er traden fouten op bij het vertalen van de opgedane kennis in de praktijk. Een op maat gemaakt elektronisch leerprogramma heeft praktijk en theorie samengebracht op de pc.
De cursus bevat visuele praktijksimulaties, waar theoretische stof aan is gekoppeld. De medewerkers kunnen de informatie uit de cursus daardoor direct toepassen in hun dagelijks werk.
Ook het Nivra, de beroepsvereniging van accountants, kan niet meer om e-learning heen. Accountants zijn verplicht om jaarlijks gemiddeld veertig zogenaamde permanente educatie (PE) punten te halen, wat overeenkomt met veertig uur leren. Klassikale cursussen en workshops waar de accountants deze studiepunten kunnen verdienen, nemen echter te veel tijd in beslag voor de druk bezette professionals. De volgend jaar te starten e-campus van het Nivra stelt de accountants in de gelegenheid delen van de studie thuis of op het werk te doen.
De portal bestaat uit een algemeen deel, met een cursuskalender, veelgestelde vragen over opleidingen, een zelf-assessment voor accountants die zich op hun professionele toekomst willen oriënteren en een overzicht van aanbiedingen. Op het tweede niveau kunnen cursisten informatie downloaden over bijvoorbeeld nieuwe regelgeving, ze kunnen er webseminars volgen, deelnemen aan fora, simulaties doen en interactieve opleidingen volgen. Tenslotte is er een persoonlijk deel waar elke cursist een overzicht krijgt van de eigen PE-status en waar ze online toetsen kunnen afleggen.
Intrinsieke motivatie
Tegenwoordig menen deskundigen dat niet al het leren elektronisch mag zijn. Boeken, klasjes en oefenen in de praktijk blijven nodig. Verder is gebleken dat e-learning alleen kans maakt onder druk. De intrinsieke motivatie van werknemers, zo zeggen gedragswetenschappers, is nog geen 20 procent. Niemand gaat spontaan achter de pc zitten om te leren.
Zowel bij Nivra als Owen Illinois en AD NieuwsMedia moeten cursisten een bepaald kennisniveau halen, al dan niet gecertificeerd. "Iedereen was doordrongen van de noodzaak om de nieuwe joint venture op 1 september te starten", zegt Erik van der Steen van AD NieuwsMedia. "Er was een behoorlijke informele druk om dan klaar te zijn met de training".
Goed toegankelijke kennis, aansluiting bij het dagelijks werk en maatwerk zijn de resultaten van e-learning en leveren onmiskenbaar tijdwinst op. "Als je leert in groepen, komt er altijd informatie langs waarin je niet geïnteresseerd bent", vervolgt Erik van der Steen. "Met e-learning leer je in je eigen tempo en ben je bezig met informatie die voor jou van toepassing is". Hoe effectief en efficiënt e-learning echter ook is geworden, de verdere ontwikkeling is nog geen gelopen race. Menige organisatie deinst terug voor de kosten, die al gauw de halve ton te boven gaan. Elektronische cursussen zijn zo duur doordat ze op maat gemaakt moeten worden. Daarmee lijkt e-learning alleen weggelegd voor grotere organisaties.
"Een halve ton is een hele hap uit het opleidingsbudget", zegt Jaap van der Steen van Cirquest. "Maar vergeet niet dat je er jarenlang profijt van hebt en dat je op lange termijn vaak goedkoper uit bent". Het grootste probleem is echter het gebrek aan sterke visionairs in bedrijven die zich enthousiast opwerpen voor elektronisch leren.
"Er zijn veel verschillende partijen in een bedrijf betrokken bij e-learning", zegt Jaap van der Steen. ‘Managers, opleiders, inkopers en systeembeheerders, ze hebben allemaal hun eigen belangen en niemand is eigenaar. Als ze er niet allemaal hun schouders onder zetten, strandt elektronisch leren bij de implementatie. Wat je nodig hebt is een aanjager op hoog niveau die hierin gelooft. Die voldoende gewicht heeft om alle blokkades weg te nemen. Daarvoor is echter visie en moed nodig, en daar ontbreekt het helaas nog wel eens aan".
[HENK VLAMING]
[1]Opmerking: De in het artikel genoemde implementatie van E-learning bij AD NieuwsMedia is geheel verzorgd door SMS implementation engineers met het e-learning softwarepakket OnDemand. Zie ook ons artikelBelofte van E-learning.
Terug
|